Max Pairon

Boom krikken

Brieven van Kim Snauwaert * 

 

Vrijdag 21 Augustus 2020


Om 18u kwam ik toe in Beerlegem, aan het bos waar Max werkt tegen het gewicht van zijn boom. De zon was langzaam aan het zakken en vele stralen gingen het bos binnen, wat rust met zich meebracht. Ik had nogal een chique kleed aan want erna ging ik eten met vriendinnen. Mijn kleed leek wat absurd in het bos. Max was zijn boom aan het krikken. Ik ken niet zo heel veel van krikken. Misschien was het een soort krik die je gebruikt om een vrachtwagenwiel mee op te vervangen. In elk geval: het was een rode krik en de zonnestralen accentueerde de rode kleur van de krik. Ik nam er een foto van.

Een leeg bos, een klein stil dal met enkel het geluid van Max en de piepende stalen veren van de krik, heen en weer, trekkend aan de hendel met zijn volle gewicht en alles leek heel dansant - zeker met die stralen erbovenop. Het werd langzaam donker en elk beeld dat ik nam van Max was onscherp omdat hij sneller bewoog dan mijn camera kon bijbenen. Ik besliste mij met plezier neer te leggen bij dit kleine technische gebrek.

Eenmaal de boom voor een stuk was gekrikt, ging Max terug naar boven — want zijn boom ligt een beetje in een dal zoals ik al eerder zei — en daar stond een karretje met hout. Hij nam sommige stukken mee naar beneden, samen met een handzaag. Naast zijn krik zaagde hij de stukken hout en legde deze op een kleine stapel onder de boom, zodat de boom op het hout zou kunnen leunen. Ik vroeg Max wat hij zou doen eenmaal de boom helemaal van de grond was gekomen. Hij antwoordde dat hij er karretjes onder zou zetten die de boom mobieler maakten. Max lachte even met het feit hoe inefficiënt hij alles aanpakte, maar ik vond het gezwoeg dat er ten gevolgde van die ineffiëntie bijkwam, behoorlijk essentieel. Daar wil ik graag meer over schrijven. Over het belang van inefficiëntie. Of wat in kapitalistische termen als inefficiënt wordt gedefinieerd. We spraken verder nog na over vertrouwen. Ik zei dat ik denk dat ik iedereen vertrouw, maar hij had het eigenlijk eerder over iets anders. Je kan niet met iedereen even goed samenwerken zei hij.


***
 

Dinsdag 25 augustus


Vandaag beslisten we af te spreken omdat we samen beelden zouden bekijken die we op de website kunnen plaatsen. We dronken vers geperst appelsap, dat ik handmatig pers want ik haat machine’s in mijn keuken. Max sprak erover dat hij binnenkort een afspraak heeft met een geluidsman en dit weekend spreekt hij af met een man die met paarden de boom uit het bos kan trekken. Ook sprak hij over karren. Die malle jan. Ik herinnerde me plots dat de vader van een vriendin van mij er misschien nog één had staan, dus belde ik die op en we reden even daarheen.

Luc, de vader van mijn vriendin, ken ik nog heel goed. Ik kom er nog steeds regelmatig op bezoek. Hij maakte ons een Senseo-koffie en vertelde verhalen over tijden waar nog geploegd werd met een kar. Over dat hij zich herinnert dat hij 's ochtends door zijn nonkel werd opgehaald met paard en kar. Dat het een halfuurtje duurde voor ze het land bereikten met die kar, die niet eens zo heel ver lag, en dat rond 9u zijn moeder boterhammen kwam brengen op het land en rond de middag bracht ze lunch. 's Avonds keerde hij terug met dat paard en opnieuw deden ze een halfuur over de terugweg. Hij concludeerde dat er veel stilte was in die tijd. En rust. Dat het ploegen van zo’n land toen nog twee dagen duurde. Maar dat die tijd al lang achter ons ligt. Hij zei het niet eens melancholisch. Met die woorden kreeg ik opnieuw het beeld voor mij van Max in het bos, met zijn handzaag en zijn handkrik en zijn handmatige waterpomp, zijn gezwoeg en gezweet. Op de terugweg zei Max dat het grappig was dat die man precies zijn positie tegenover de wereld had vastgelegd door op een bepaald moment tegen zichzelf te zeggen: die tijd van rust, van paard en kar en stilte, ligt achter ons.

 

* Kim Snauwaert maakt binnen PLAN B/Veldwerk deel uit van het publicatieteam, waarbij ze samen met Vincent Focquet in gesprek gaat met de verschillende kunstenaars. 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Tekst & beeld: Kim Snauwaert
Video: Max Pairon


 
Met Die malle Jan wil Max Pairon een door de storm gevelde boom van tien meter lengte eigenhandig naar Gent krijgen. Dit project wil hij niet alleen gebruiken om verhalen te verzamelen, maar ook om stil te staan bij hoe wij als mensen omgaan met materialen en transport. Tijdens deze tocht wil hij daarom de passanten die zijn pad kruisen uitdagen om hun plannen te wijzigen en deel te nemen aan deze trektocht. De boom zal uiteindelijk dienst doen als lastdrager voor een nieuw verdiep in het atelier van de Koer, een sociale en artistieke organisatie in Gent.
Lees hier meer over het project.

 

 

Notities